Kan een ezel, hond of dolfijn je gezondheid verbeteren?

Dokter dier


Knuffelen met honden en zwemmen met dolfijnen, is dat echt goed voor je geestelijke of lichamelijke gezondheid?

 tekst: Elly Posthumus

Sharai ligt in een hoekje van de kamer in verpleeghuis Magnushof in Schagen. Ze kijkt rustig hoe vijf bejaarde dames in rolstoel de kamer worden ingereden. Sharai is een Hovawart, een hondenras met lange donkere haren en hangende oren. Ze is hier vandaag met Angelika Balk, haar baasje en trainer bij Stichting Therapiehond Nederland. De hond en haar baas komen hier acht weken lang elke week anderhalf uur op bezoek bij patiënten met ernstige dementie. Die mogen Sharai aaien en knuffelen, en intussen oefenen ze hun motoriek en hun lichaamsbesef door het aanreiken van speeltjes met hun linker of rechterhand. De hond is niet het enige dier dat werkzaam is in de zorg. Het stikt van de activiteiten waarbij mensen met of zonder geestelijke of lichamelijke problemen kunnen wandelen met ezels, knuffelen met honden of zwemmen met dolfijnen. Is contact met dieren echt goed voor de geestelijke en lichamelijke gezondheid?

Dier maakt sociaal

De aanwezigheid van een dier maakt in elk geval wel iets los bij de meeste mensen. ‘Dat zie je al als er een dier de ruimte binnenkomt’, aldus Balk. De aandacht gaat uit naar het dier en mensen gaan er vaak van glimlachen. Dat lieten onderzoekers van Queen’s University (Noord-Ierland) ook zien. Ze bestudeerden reacties van liefst 1800 voorbijgangers op een vrouw in wisselend gezelschap. Ze had beurtelings een labrador retrieverpup bij zich, een volwassen exemplaar van dat ras, een volgroeide rottweiler, een teddybeer, een plant in een pot of ze was alleen. In haar eentje werd ze het vaakst genegeerd. Ze trok al iets meer aandacht met een plant of een teddybeer. Maar vooral de aanwezigheid van een hond lokte reacties uit. In gezelschap van de rottweiler keken mensen meer naar haar. Maar de labrador ontlokte naast blikken ook glimlachen en zelfs praatjes en aaisessies, vooral toen de vrouw in het gezelschap van de pup was. Dieren werken als een soort sociaal smeermiddel. Dat is niet alleen gezellig, maar ook gunstig voor je psychische gesteldheid. Want meer sociale interactie kan leiden tot een beter welzijn. En dat geldt helemaal als sociale interactie niet vanzelf gaat, zoals bij mensen met een autistische stoornis of bij mensen met dementie.

Dokter is betrouwbaar

Dieren kunnen mensen op een andere manier ook helpen: alleen al hun aanwezigheid wekt vertrouwen. Dat geldt niet alleen voor mensen met een probleem, het geldt voor iedereen. Zo geven vrouwen eerder hun telefoonnummer aan een wildvreemde man als die een hond bij zich heeft, dan als hij alleen is. Mensen helpen iemand in gezelschap van een hond ook vaker met het oprapen van muntgeld als de hondenbezitter dat op de grond laat vallen. Dit extra vertrouwen kan tegen ons werken als het toevallig een oplichter is die een hond bij zich heeft. Maar het kan
wel helpen als je je ergens voor moet laten behandelen. Aan de Canadese University of Toronto lieten psychologen een aantal studenten een kort filmpje zien van een psychotherapeut en vroegen hen daarna in hoeverre ze deze therapeut vertrouwden. Er waren twee therapeuten gefilmd: een met hond, een andere zonder. Studenten die het filmpje van de therapeut met de hond zagen, hadden meer vertrouwen in hem dan de studenten die een filmpje van de hondloze therapeut zagen.

Aai maakt hormoon

Alleen al de aanwezigheid van een dier heeft dus effect op ons. Er gebeurt nog meer als we een dier aanhalen. ‘Als je een hond aait, dan komt het hormoon oxytocine vrij in je lichaam’, zegt Nienke Endenburg, universitair docent aan het departement Dier in Wetenschap en Maatschappij van de Universiteit Utrecht. Dit zogenoemde ‘knuffelhormoon’ komt ook vrij als we seks hebben of als vrouwen een baby baren. Het geeft ons een fijn en plezierig gevoel en het zorgt dat we ons verbonden voelen met een partner of baby. Maar oxytocine heeft nog meer positieve effecten, weet Endenburg: ‘Je wordt er socialer van. Je bloeddruk, hartslag en stressniveau gaan naar beneden, het maakt je minder agressief en het zorgt ervoor dat je je beter kunt concentreren.’ Dat aaien een effect heeft, komt niet alleen door de aaibeweging, maar ook door wát er geaaid wordt. Psychologen van de Tel Aviv University (Israël) lieten proefpersonen een vogelspin zien en maakten hen wijs dat ze die later moesten vasthouden. Vervolgens lieten ze hen een echt konijn, een speelgoedkonijn, een echte schildpad, een speedgoedschildpad of niets aaien. De mensen die een echt dier aaiden waren minder bang voor het vervolg van het onderzoek dan mensen die een speelgoeddier of niets aaiden. Opmerkelijk genoeg hadden de harde schildpad en het zachte konijn hetzelfde effect. ‘Om het hormoon oxytocine vrij te laten komen is huid-ophuidcontact nodig’, zegt Endenburg. ‘Aanraken is dus belangrijk.’

Nephond is ook leuk

Er zijn veel onderzoeken die suggereren dat contact met dieren een positieve invloed heeft op je lichamelijke en psychische gesteldheid. Toch wil Endenburg niet te vroeg juichen als het gaat om het inzetten van dieren in de zorg. Een groot deel van deze onderzoeken kunnen volgens haar de toets der wetenschappelijke kritiek niet doorstaan. Vaak is het aantal deelnemers zo klein dat de statistiek niet betrouwbaar is. Of onderzoekers meten alleen de toestand van mensen voor en na het contact met dieren en vergelijken die niet met een controlegroep die niets met dieren doet. Endenburg: ‘Dan weet je nog niet wat nu eigenlijk werkt. Want met een dier komt vaak ook een heel aardige begeleider mee. Als die persoon alleen zou komen zonder dier, dan kun je ook een positief effect meten. Hoewel dat waarschijnlijk wel kleiner is dan als hij mét dier komt.’ Het diergezelschap hoeft niet eens een echt te zijn, toonden onderzoekers van de Kent State University in Kent (VS) aan. Een therapeut bezocht demente bejaarden in zijn eentje, in gezelschap van een levende therapiehond, of met de interactieve ‘robothond’ AIBO van Sony. Hoewel het bezoek van de persoon al effect had, deed het gezelschap van de honden meer. Patiënten begonnen vaker een gesprek, ze keken meer en raakten anderen meer aan. De robothond leverde opvallend genoeg nog meer gespreksstof op dan het echte dier.

Beest is wild

Een heel ander probleem van al dat geknuffel met dieren is dat zo’n schijnbaar lief dier heel gevaarlijk kan zijn. Zwemmen met dolfijnen is daarom geen goed idee, vindt Endenburg. ‘Het zijn
wilde dieren. Ze zijn niet gedomesticeerd zoals honden of katten dat wel zijn. Met wilde dieren gebeuren nog wel eens ongelukken. Dat kan met een paard of een hond natuurlijk ook, maar die zijn veel beter te trainen.’ Een paard of hond knuffelen is in elk geval een stuk goedkoper en heeft waarschijnlijk hetzelfde of zelfs een beter effect. Endenburg: ‘Het is bijvoorbeeld nog maar de vraag of bij het aaien van zeezoogdieren ook oxytocine vrijkomt.’ Sharai is gelukkig goed getraind en bovendien uitgezocht op karaktereigenschappen die haar een geschikte therapiehond maken. Balk: ‘Het Hovawartras is van nature al wat afstandelijk tegen vreemden. De hond zal nooit in haar enthousiasme vol op een tere bejaarde duiken. Bovendien heeft ze geleerd om niet op huilen, schreeuwen of agressie te reageren.’ Want juist met die emoties krijgen de dieren nogal eens te maken als ze met dementiepatiënten werken.

Duur is onbekend

Bij de sessie in de Magnushof blijft het rustig. Na anderhalf uur zit het erop. De vijf dames hebben nog drie sessies voor de boeg. ‘Voor de patiënten zou het beter zijn als het vast op het programma stond’, denkt Balk. Het is de vraag of acht sessies genoeg zijn om positieve effecten in stand te houden. Endenburg bevestigt deze twijfel: ‘Er is weinig onderzoek gedaan naar hoe lang positieve resultaten van contact met dieren aanhouden. Je ziet nu dat het verschil maakt. Maar is dat over een half of heel jaar nog zo?’ De Magnushof bewoners knappen er volgens Balk tijdens de weken van het hondenbezoek wel van op. ‘Ze worden wat toegankelijker, minder angstig en ze eten beter.’ Ook nu verandert een stille dame in een praatgrage tante. ‘Tot volgende week, Sharai!’, roept ze de hond na als ze de kamer uitgereden wordt. This email address is being protected from spambots. You need JavaScript enabled to view it.